Selecteer een pagina

De tijden waarin alle dingen worden hersteld

Het Koninkrijk van God is niet iets vaags, waar je maar van kunt maken wat je wilt. We kunnen maar niet een beetje zweverig blijven als we het hier over hebben. Zeker, het Koninkrijk komt van boven, vandaar dat het ook door Mattheüs Koninkrijk der hemelen genoemd wordt. Een werkelijkheid die dus komt vanuit God, niet vanuit het vlees, niet met wereldse en wereldlijke structuren, niet vanuit en in deze boze tijd of wereld. Het Koninkrijk van God is niet van deze wereld. Zij is ook niet te verwachten vanuit menselijke inspanningen of gezamenlijke inspanning van de VN. Zij komt van boven als Jezus teruggekomen is naar deze aarde.

Petrus spreekt hierover in zijn tweede preek. Als hij nog steeds vervuld is van de Heilige Geest spreekt hij over tijden van verkoeling en tijden van herstel:

“Kom dus tot inkeer en bekeer u, opdat uw zonden uitgewist worden en er tijden van verkwikking zullen komen van het aangezicht van de Heere, en Hij Jezus Christus zal zenden, Die tevoren aan u verkondigd is. Hem moet de hemel ontvangen tot de tijden waarin alle dingen worden hersteld, waarover God gesproken heeft bij monde van al Zijn heilige profeten door de eeuwen heen.” (Handelingen 3:19b-21)

Jezus zal Koning zijn

Het Koninkrijk van God is concreet, met een Koning en met een troon in de residentie, de hoofdstad. Het is een Koninkrijk met een rijksgebied, met onderdanen, met een grondwet, met een eerlijke rechtspraak, zonder leger en gevaarlijke oorlogsmissies. Het is een Koninkrijk met Koninklijke maaltijden en veel Bijbelse bekende en nog veel meer onbekende genodigden. Een Koninkrijk is het, waar de rol van satan is uitgespeeld. Het zal ook een Koninkrijk zijn met een heerlijk doel, namelijk: Alle volken en de hele schepping onder leiding van de Messias terug brengen naar God. Het zal een Koninkrijk zijn waarin doden weer levend worden. En waar de dood teniet gedaan zal worden, wanneer tenslotte alle doden zijn opgewekt en geoordeeld. Dan zal God zijn ‘alles en in allen’.

De engel Gabriël windt er al geen doekjes om als Hij Jezus’ geboorte aankondigt:

“Hij zal groot zijn, en de Zoon van de Allerhoogste genoemd worden, en God de Heere, zal Hem de troon van Zijn vader David geven en Hij zal over het huis van Jacob Koning zijn tot in eeuwigheid en aan Zijn Koninkrijk zal geen einde komen.” (Lukas 1:32,33)

Een Koninkrijk met een Koning:

“Ik keek toe in de nachtvisioenen, een zie, er kwam met de wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon… Hem werd gegeven heerschappij, eer, en koningschap, en alle volken, natiën en talen moesten Hem vereren. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die Hem niet ontnomen zal worden en Zijn koningschap zal niet te gronde gaan.” (Daniël 7:13a,14)

Een Koninkrijk met een troon in de residentie:

“In die tijd zal men Jeruzalem de Troon van de HEERE noemen. Alle heidenvolken zullen er samenstromen, tot de Naam van de Heere, tot Jeruzalem. (Jeremia 3:17)

Een Koninkrijk met een rijksgebied:

“De HEERE zal Koning worden over heel de aarde. Op die dag zal de Heere de Enige zijn en Zijn Naam de enige.” (Zacharia 14:9)

“Men zal nergens kwaad doen of verderf aanrichten op heel Mijn heilige berg, want de aarde zal vol zijn van de kennis van de HEERE, zoals het water de bodem van de zee bedekt.” (Jesaja 11:9)

Een Koninkrijk met onderdanen:

“en de grootheid van de koninkrijken onder heel de hemel, zullen gegeven worden aan het volk van de heiligen van de Allerhoogste…en alles wat heerschappij heeft, zal Hem eren en gehoorzamen.” (Daniël 7:27) 

Een Koninkrijk met een grondwet:

“een wet zal van Mij uitgaan en Mijn recht zal Ik tot rust doen komen tot een licht voor de volken.” (Jesaja 51:4b)

“dan zal Hij ons onderwijzen aangaande Zijn wegen, en zullen wij Zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van de HEERE uit Jeruzalem.” (Micha 4:2b)

Een Koninkrijk met een eerlijke rechtspraak:

“Hij zal recht spreken tussen de heidenvolken en veel volken vonnissen.” (Jesaja 2:4a)    

Een Koninkrijk waarin de Koning Zich tot in de punten en komma’s zal houden aan het regeerakkoord:

“Zie, een Koning zal regeren in gerechtigheid, en vorsten zullen heersen overeenkomstig het recht. Die Man zal zijn als een beschutting tegen de wind, een schuilplaats tegen de vloed..” (Jesaja 32:1,2a)

Een Koninkrijk zonder legers en gevaarlijke en dure oorlogsmissies:

“En zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegscharen en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal tegen een ander volk het zwaard opheffen. Oorlog voeren zullen zij niet meer leren.” (Jesaja 2:4b)

Een Koninkrijk met Koninklijke maaltijden:

“En Ik beschik u het Koninkrijk, zoals Mijn Vader, dat aan Mij beschikt heeft, opdat u eet en drinkt aan Mijn tafel in Mijn Koninkrijk en op tronen zit en de twaalf stammen van Israël oordeelt.” (Lukas 22:29,30)

“Maar Ik zeg u dat er velen zullen komen van oost en west en zij zullen aan tafel gaan met Abraham, Izak en Jacob in het Koninkrijk der hemelen.” (Mattheüs 8:11)

Een Koninkrijk met feestmalen waar alle volken aan deel zullen nemen:

“De HEERE van de legermachten zal op deze berg voor alle volken een feestmaal met uitgelezen gerechten aanrichten, een feestmaal met gerijpte wijnen, met uitgelezen gerechten vol merg, met gezuiverde gerijpte wijnen.” (Jesaja 25:6)

Een Koninkrijk waarin de rol van satan is uitgespeeld.

Het eerste dat plaats vindt in het Koninkrijk is het grijpen en vastbinden van satan. Vandaar die gezegende toestand op aarde. Johannes ziet een engel afdalen uit de hemel met de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn hand:

“En hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en bond hem voor duizend jaar, en wierp hem in de afgrond, en sloot hem daarin op en verzegelde die boven hem, opdat hij de volken niet meer zou misleiden…” (Openbaring 20:1-3a)

Een Koninkrijk met het heerlijke doel, alles terug te brengen onder Gods leiding:

“Ik heb gezworen bij Mijzelf….dat voor Mij elke knie zich zal buigen en elke tong bij Mij zal zweren….in de HEERE zal gerechtvaardigd worden en zich beroemen heel het nageslacht van Israël.” (Jesaja 45:23,25)

Een Koninkrijk waar elk schepsel Jezus zal eren, als Messias en Zoon van God:

“Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen, alle knie van hen die in de hemel zijn, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden, dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid God de Vader.” (Filippenzen 2:9-11)

Een Koninkrijk waarin doden weer levend worden en geoordeeld:

“De dood en het rijk van de dood gaven de doden die in hen waren, en zij werden geoordeeld, ieder overeenkomstig zijn werken.” (Openbaring 20:13) (zie ook Jesaja 25:7,8)

Een Koninkrijk waar de dood tenslotte teniet gedaan zal worden en God uiteindelijk ‘alles in allen’ zal zijn:

“Want Hij moet Koning zijn, totdat Hij alle vijanden onder Zijn voeten heeft gelegd. De laatste vijand die tenietgedaan wordt, is de dood. …en wanneer alle dingen aan Hem onderworpen zijn, dan zal de Zoon Zelf Zich onderwerpen aan Hem Die alle dingen aan Hem onderworpen heeft, opdat God alles in allen zal zijn.” (1 Korinthe 15:25,26,28)

Deze gezegende tijd wordt ook wel het duizendjarige rijk genoemd, omdat in Openbaring 20 zes keer genoemd wordt, dat het een periode van duizend jaar zal zijn. Hierover vertelt Corrie ten Boom een keer, dat een theologie student haar zei: “Maar tante Corrie, dat duizendjarig rijk wordt toch maar één keer in de Bijbel genoemd?” Waarop Corrie heel gevat zei: “Hoe vaak moet het in de Bijbel staan wil je het geloven?”

De schepping hersteld

Wat er in die tijd gebeuren zal, wordt door Jezus Zelf de wedergeboorte van de wereld genoemd, een proces van herleving en vernieuwing:

“En Jezus zei tegen hen; Voorwaar, Ik zeg u dat u die Mij gevolgd bent, in de wedergeboorte, (regeneratie) als de Zoon des mensen zal zitten op de troon van Zijn heerlijkheid, ook zult zitten op twaalf tronen, en de twaalf stammen van Israël zult oordelen.” (Mattheüs 19:28)

De schepping zal als het ware herschapen worden. Er breekt een tijd van echte ‘recreatie’ aan. Dit weldadige Koninkrijk zal zich verspreiden over de hele schepping, ook over de dieren- en plantenwereld. In dit rijk van vrede zal, volgens de Heere, gesproken door Jesaja, volkomen harmonie zijn, zoals in het paradijs:

“Een wolf zal bij een lam verblijven, een luipaard bij een geitenbok neerliggen, een kalf, een jonge leeuw en gemest vee zullen bij elkaar zijn, een kleine jongen zal ze drijven. Koe en berin zullen samen weiden, hun jongen zullen bij elkaar neerliggen. Een leeuw zal stro eten als het rund.” (Jesaja 11:6,7)

Kinderen kunnen hun hart ophalen en spelen met de dieren, alsof het nooit anders is geweest. Zij zullen inderdaad niet beter weten, het is normaal voor hen:

“Een zuigeling zal zich vermaken bij het hol van een adder, en in het nest van een gifslang zal een peuter zijn hand steken.”

Kortom, de schepping herleeft en zal juichen voor haar Koning nu ze vrij is:

“De woestijn en de dorre plaatsen zullen vrolijk zijn, de wildernis zal zich verheugen en in bloei staan als een roos. Zij zal welig in bloei staan en zich verheugen, ja, zij zal zich verheugen en juichen.” (Jesaja 35:1)

Alles zal hersteld worden, plant, dier, water en lucht, overal zal sjalom, harmonie zijn. Het zal weer net zo zijn als in de tijd van de vredevorst Salomo, maar dan natuurlijk veel heerlijker:

“Op die dag, spreekt de HEERE van de legermachten, zal ieder zijn naaste uitnodigen onder de wijnstok en onder de vijgenboom.” (Zacharia 3:10)

Wat zal er daar tijdens dat zitten onder die wijnstok en vijgenboom, als beeld van volledige harmonie, veel te bespreken zijn. Maar vooral, wat zal er ook veel te roemen zijn. Wie anders zal alle eer krijgen dan de grote Vredevorst, Jezus Messias?

(Uit Weg uit Babylon, Wim Verwoerd)

  •  
  •  
  •  
  •