Selecteer een pagina

Handelingen 1: 11b “Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan.” 

Onderweg naar Pinksteren

We zijn op weg naar het tweede grote opgangsfeest door God ingesteld. Er zijn drie feesten uitgekozen door God, waarop het volk Israël op moest trekken naar Jeruzalem om daar feest te vieren. Het eerste opgangsfeest is het Pesachfeest. En er staat in de Tora dat daarna zeven keer zeven weken geteld moet worden, om de dag van het volgende feest vast te stellen. Na zeven keer zeven dagen is het op de vijftigste dag Sjavoe’ot/Pinksteren, wekenfeest. Want na zeven keer zeven weken is het feest. Het feest van de eerstelingen, waarop de eerste broden van de tarweoogst geofferd worden. We zitten vandaag op precies de 40e dag. En omdat op deze dag, 40 dagen na de sabbat die na het Pesachfeest komt, de Heere Jezus naar de hemel is opgevaren, is dit door de kerk tot een feest gemaakt.  Dat is niet altijd zo geweest. Zeker niet in de tijd van het Nieuwe Testament.

Hemelvaartsdag

Zelfs in de eerste vier eeuwen na Christus is aan de hemelvaart geen bijzondere feestdag gewijd. Bisschop Gregorius van Nyssa (335-394) geldt als een vroege voorvechter van de feestdag. De kerkleraar Augustinus (354-430) schrijft erover alsof het een breed gehouden herdenkdag is. Pas in de vijfde eeuw wordt Hemelvaartsdag een aparte feestdag. In Jeruzalem is het feest rond 425 ingevoerd. We geloven dat de Heere Jezus lichamelijk van de aarde is opgenomen en dat hij nu in de hemel is gezeten aan de rechterhand van God.  Hij is de Hogepriester Die ingegaan is in het hemelse heiligdom. Dat is een onnoemelijk rijk iets. Hij vertegenwoordigt daar Zijn kinderen. Hij pleit daar voor Zijn kinderen. Zijn bloed is een altijd beschikbaar zoenmiddel. En zo is er nog zoveel meer moois. Maar Hij is daar niet om er te blijven.

Hij komt terug

Vandaag besteden we aandacht aan datgene wat vaak over het hoofd wordt gezien; de hemelvaart die de terugkomst van de Heere Jezus verkondigt. Zijn taak op aarde is nog lang niet klaar. Hoe vreemd eigenlijk dat we Zijn weggaan gedenken, maar niet wat er bij het weggaan van Hem getuigd is. We lezen dat de  discipelen omhoog blijven staren naar de plek waar ze Jezus het laatst nog gezien hebben. En dat er dan twee mannen in witte kleding opeens naast hen staan. Deze mannen troosten de discipelen met een onverwachte boodschap. Ze zeggen niet: Ga maar weg hoor, Hij is voorgoed heen gegaan. Keer terug naar Jeruzalem en wacht op de Heilige Geest. Dat zou gekund hebben. Of ze hadden de discipelen kunnen troosten zoals de Heere Jezus Zelf ook gedaan heeft. “Het is nut dat Ik wegga.” Het is nut dat Jezus weggaat! Of wees getroost er komt een Plaatsvervanger, de Heilige GEEST.

Nee, ze zeggen iets heel anders. “Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan.” Dat is pas echte troost, toch? Iemand van wie je heel veel houdt, gaat een verre reis maken. Bij het afscheid wordt je gezegd: “zoals ik ga, zo kom ik terug”. De persoon gaat niet voorgoed weg. Dat is toch mooi. Degene van wie je houdt komt terug. En hoe? Op dezelfde wijze. Jezus Die van deze aarde is weggegaan, gaat niet definitief weg. Hij komt terug. Naar dezelfde aarde waarop Hij gewandeld heeft en waar Hij zo geleden heeft.

40 dagen spreken over het Koninkrijk

Is het u opgevallen dat Jezus die 40 dagen dat Hij nog op aarde was, met zijn volgelingen voortdurend gesproken heeft over het Koninkrijk van God? Nee, Hij sprak toen niet zozeer over Zijn lijden, zoals Hij dat deed tegen de Emmaüsgangers en later tegen de discipelen als ze bij elkaar zijn en Hij plotseling in hun midden is. In Handelingen 1 lezen we: Hij heeft Zichzelf, nadat Hij geleden had, ook levend aan hen vertoond, met veel onmiskenbare bewijzen, veertig dagen lang, waarbij Hij door hen gezien werd en over de dingen sprak die het Koninkrijk van God betreffen.

Zal Hij ook niet alles wat over Zijn terugkomst hier op aarde, Zijn Koninkrijk en het herstel van Israël en Zijn Koningschap over de hele aarde precies vervullen zoals geschreven staat? Waarom vinden we dit niet vanzelfsprekend? Waarom zijn we soms bang om deze dingen net zo letterlijk te nemen. Hij vervult letterlijk alles met betrekking tot Zijn eerste komst, dan zal Hij dat toch ook doen met betrekking tot Zijn terugkomst en Zijn aanwezigheid hier op aarde! Als Zijn priesterschap en Zijn lijden letterlijk geprofeteerd staan dan kunnen we er van op aan dat Zijn Koningschap en Zijn regeren hier op aarde ook letterlijk geprofeteerd staat. Eén belangrijke tekst hebben we al gelezen:  Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan.

De discipelen, die dus veertig dagen onderwezen zijn over het Koninkrijk van God, willen van Jezus nog weten, vlak voordat Hij opgenomen wordt; Is het al gauw zover? “Heere, zult U in deze tijd voor Israël het Koninkrijk weer herstellen? Wat een interessante vraag. Wanneer gaat het gebeuren dat het beloofde Koninkrijk aan Israël zal worden hersteld? En zeg nu niet, wat zijn die discipelen nog dom en aardsgezind. Dat zegt de Heere Jezus in ieder geval niet. Uit het antwoord van de Heere Jezus blijkt dat het Koninkrijk van Israël zeker zal hersteld worden. Maar op Gods tijd, op de tijd die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft”

Op Gods tijd

De Vader weet de tijd en de gelegenheid dat het Koninkrijk van Israël hersteld gaat worden. De Heere Jezus zegt niet dat ze aards denken met deze vraag. Hij zegt ook niet dat ze zich vergissen door te denken dat het Koninkrijk van Israël hersteld gaat worden. Nee, dat zal zeker gebeuren, maar het is voor hen op dat moment niet belangrijk om te weten wanneer dat gaat plaats vinden. Zij hebben het nodig vervuld te worden met de Heilige Geest. Zij zullen de kracht van de Heilige Geest ontvangen om Jezus’ getuigen te zijn.

Dit antwoord van de Heere Jezus betekent niet dat Hij, wanneer wij dezelfde vraag nu aan Hem stellen: “Heere, zult U in deze tijd voor Israël het Koninkrijk weer herstellen?” ons hetzelfde antwoord geeft. Integendeel. We zijn nu bijna 2000 jaar verder en dus bijna 2000 jaar dichter bij de vervulling van deze zaak. Het koninkrijk aan Israël zal zeker komen, spoedig, de tekenen zijn zo duidelijk aanwezig. Het is echter de vraag of we hier nog blij van worden. De Heere Jezus Die van de aarde is opgenomen, komt terug. De hemelvaart kondigt deze terugkomst aan. Vandaag willen we u bewust maken van de waarheid, dat Jezus weg gaat om…. terug te komen, zoals Hij zelf in een gelijkenis heeft verteld in Lukas 19. Daar zegt Hij opmerkelijke dingen, die duidelijk maken hoe het zit met dat Koninkrijk dat nog komen gaat.

Vs 11, 12 en 15“Terwijl zij nu dit alles hoorden, sprak Hij een gelijkenis uit, die Hij eraan toevoegde omdat Hij dicht bij Jeruzalem was en zij dachten dat het Koninkrijk van God onmiddellijk zou aanbreken. Hij zei dan. Een zeker mens van hoge geboorte reisde naar een ver land om voor zich een koninkrijk in ontvangst te nemen en daarna terug te keren. Daarna roept hij de slaven en deelt ponden uit.. Dan staat er in vers 15; “En het gebeurde, toen hij teruggekomen was, nadat hij het koninkrijk in ontvangst had genomen, dat hij zei…

Bijzonder toch! De Heere Jezus heeft het in deze gelijkenis over Zichzelf. We kunnen dus concluderen dat de hemelvaart ook nog een andere betekenis heeft. De Heere Jezus is weggegaan om het Koninkrijk van God in ontvangst te nemen en daarna komt Hij terug.

Zijn aanwezigheid

Over de terugkomst staat zoveel in Gods Woord geschreven. Jezus komt terug om hier op aarde Zijn Koninkrijk te vestigen. Hij komt om hier aanwezig te zijn. Het woord dat in het Grieks hiervoor gebruikt wordt is Parousia. Vele malen wordt dat woord gebruikt. Het wordt vertaald met de “komst” van de Heere Jezus, de Statenvertaling heeft dat woord met “toekomst” vertaald, dat zit er dichter bij. Bij het woord “komst” zou je kunnen denken dat het alleen maar gaat om een “hierheen komen” zonder hier te blijven. Maar dat betekent het woord niet, het betekent echt “aanwezigheid”.

Als voorbeeld geven we 1 Thes. 4: 15 waar Paulus zegt: “Want dit zeggen wij u met een woord van de Heere, dat wij die levend zullen overblijven tot de komst (Parousia) van de Heere, de ontslapenen beslist niet zullen voorkomen.” Paulus zegt hier, dat je levend kunt overblijven om de komst van de Heere mee te maken. Maar dat is dus zwak vertaald. Er moet vertaald worden, dat je levend kunt overblijven tot de aanwezigheid van de Heere. Het is goed om dit in gedachte te houden. De Heere Jezus komt terug om hier te blijven.

Koning over Sion en Koning tot het eind van de aarde

Jazeker. Hij is de Koning van de wereld. Hij zal hier op aarde terugkeren en regeren, zoals al aan Maria is verkondigd bij de aankondiging van de geboorte van de Heere Jezus: “God zal Hem de troon van Zijn vader David geven” Die troon van David heeft niet in de hemel gestaan en die staat ook niet ergens in Rome, maar die stond en die zal staan in Jeruzalem. En de engel zei nog meer tegen Maria: “en Hij zal over het huis van Jacob Koning zijn tot in eeuwigheid.” De Heere Jezus is daarvoor uitgekozen en daarvoor gezalfd zoals in Psalm 2 staat. Daar staat een profetie over Jesjoea als Koning over Zijn volk op de heilige berg:

Vs 6 “Ik heb Mijn Koning toch gezalfd over Sion, Mijn heilige berg.”

Maar Hij zal niet alleen over Israël regeren. Zijn Koningschap gaat veel verder, want de psalm vervolgt:

Vs 7b “Eis van Mij en Ik zal u de heidenvolken als Uw eigendom geven en de einden der aarde als Uw bezit.”

Als de twee mannen in witte kleding tegen de discipelen zeggen: Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan,” dan houdt dat dus heel veel in. Hij komt terug om Koning te zijn. Hij zal regeren vanuit Jeruzalem zoals de profeten gesproken hebben en zo de hele aarde onder Zijn heerschappij brengen.

Voeten op de Olijfberg

We willen nu een aantal Schriftgedeelten uit de profeten langsgaan. Zij vertellen nog veel meer wat het betekent dat de Heere Jezus terugkomt. In Zacharia 14:3, 4 en 5. lezen we dat de voeten van de Heere Jezus inderdaad weer op de Olijfberg zullen staan evenals voordat Hij wegging.

Vs 3. “Dan zal de HEERE uittrekken en tegen die heidenvolken strijden, zoals de dag dat Hij streed, op de dag van de strijd.”
Vs 4 “Op die dag zullen Zijn voeten staan op de Olijfberg, die voor Jeruzalem ligt, ten oosten ervan. Dan zal de Olijfberg in tweeën gespleten worden naar het oosten en naar het westen. Er zal een zeer groot dal ontstaan, als de ene helft van de berg naar het noorden zal wijken en de andere helft ervan naar het zuiden.”
Vs 5 “Dan zult u vluchten door het dal van Mijn bergen, want het dal tussen de bergen zal reiken tot Azal. Ja, u zult vluchten, zoals u gevlucht bent voor de aardbeving in de dagen van Uzzia, de koning van Juda. Dan zal de HEERE, mijn God, komen: al de heiligen met U!”

Koning over heel de aarde

Uit diverse Schriftplaatsen blijkt dat de heiligen engelen zijn. Dan volgt wat het effect zal zijn, van de aanwezigheid van de Heere Jezus in Jeruzalem:

Vs 8 “Op die dag zal het geschieden dat er levend water vanuit Jeruzalem zal stromen, de ene helft ervan naar de zee in het oosten en de andere helft ervan naar de zee in het westen: ’s zomers en ’s winters zal het plaatsvinden.”
Vs 9 “De HEERE zal Koning worden over heel de aarde. Op die dag zal de HEERE de Enige zijn en Zijn Naam de enige.”
Vs 10 “Heel het land zal als de Vlakte worden, van Geba tot Rimmon, ten zuiden van Jeruzalem. Maar Jeruzalem zal verheven worden en op zijn plaats bewoond blijven,….
Vs 11 “Zij zullen erin wonen, een banvloek zal er niet meer zijn: Jeruzalem zal onbezorgd wonen.”

Alle stammen van het land

Mattheus beschrijft in Zijn evangelie ook kort hoe de Heere Jezus eindelijk terugkomt, na zoveel eeuwen van verdrukking van Zijn volk Israël en van Zijn kinderen. Hij komt terug, nadat een oordeel een gedeelte van de aarde heeft getroffen.

Matth. 24:29 -31“En meteen na de verdrukking van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal zijn schijnsel niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden. En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn engelen uitzenden onder luid bazuingeschal, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenbrengen uit de vier windstreken, van het ene uiterste van de hemelen tot het andere uiterste ervan.”

Israël is het uitverkoren volk. Zij zal verzameld worden samen met al degenen die zich ook Israël weten door geloof. We lazen ook dat al de stammen van de aarde rouw zullen bedrijven. Maar het woord vanuit het Grieks met ‘aarde’ vertaald kan ook met ‘land’ vertaald worden. Net zoals dat ook met het Hebreeuwse woord voor ‘aarde’, eretz, kan. Vertalen met land, past beter in het verband.

“Alle stammen van het land zullen rouw bedrijven.”

Zo staat het ook in Openbaring 1:7

Vs 7 “Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja, amen.”

Hier geldt hetzelfde; het Griekse woord voor aarde kan ook land betekenen.  Als Jezus komt wordt Hij gezien door degenen Die Hem doorstoken hebben en alle stammen van het land zullen rouw over hem bedrijven.

Bron geopend

Dat heeft ook de profeet Zacharia al geprofeteerd in Zacharia 12:2, 3, 8-14:

Vs 2 “Zie, Ik ga Jeruzalem maken tot een bedwelmende beker voor alle volken rondom, ja, ook tegen Juda zal het gaan bij de belegering van Jeruzalem. Op die dag zal het gebeuren dat Ik Jeruzalem zal maken tot een steen die moeilijk te tillen is voor al de volken. Allen die hem optillen, zullen zichzelf zeker diepe sneden toebrengen, en al de volken van de aarde zullen zich tegen haar verzamelen.”

Vs 8-14 “Op die dag zal de HEERE de inwoners van Jeruzalem beschermen. Wie onder hen wankelt, zal op die dag als David zijn, en het huis van David zal zijn als goden, als de Engel van de HEERE voor hun ogen. Op die dag zal het gebeuren dat Ik alle heidenvolken die tegen Jeruzalem oprukken, zal willen wegvagen. Maar over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem zal Ik de Geest van de genade en van de gebeden uitstorten. Zij zullen Mij aanschouwen, Die zij doorstoken hebben. Zij zullen over Hem rouw bedrijven, als met de rouwklacht over een enig kind; en zij zullen over Hem bitter klagen, zoals men bitter klaagt over een eerstgeborene. Op die dag zal in Jeruzalem de rouwklacht groot zijn, zoals de rouwklacht van Hadad-Rimmon in het dal van Megiddo. Het land zal rouw bedrijven, elk geslacht afzonderlijk: het geslacht van het huis van David afzonderlijk en hun vrouwen afzonderlijk, het geslacht van het huis van Nathan afzonderlijk en hun vrouwen afzonderlijk, het geslacht van het huis van Levi afzonderlijk en hun vrouwen afzonderlijk, het geslacht van Simeï afzonderlijk en hun vrouwen afzonderlijk, al de overige geslachten: elk geslacht afzonderlijk en hun vrouwen afzonderlijk.”

En dan volgt de ontroerende ontknoping in Zacharia 13: 1,2:

Vs 1,2 “Op die dag zal er een bron geopend worden voor het huis van David en voor de inwoners van Jeruzalem tegen de zonde en tegen de onreinheid. Op die dag zal het gebeuren, spreekt de HEERE van de legermachten, dat Ik uit het land de namen van de afgoden zal uitroeien, zodat aan hen niet meer gedacht zal worden. Ja, ook de profeten en de onreine geest zal Ik uit het land wegdoen.”

Ik zal hun tot een God zijn

Dan gaat in vervulling wat in Zacharia 8:3-8 staat:

Vs 3-8 “Zo zegt de HEERE: Ik ben naar Sion teruggekeerd en Ik zal midden in Jeruzalem wonen. Jeruzalem zal ‘stad van de waarheid’ genoemd worden, de berg van de HEERE van de legermachten ‘de heilige berg. Zo zegt de HEERE van de legermachten: Er zullen weer oude mannen en oude vrouwen zitten op de pleinen van Jeruzalem, ieder met zijn stok in zijn hand vanwege de hoge leeftijd. De pleinen van de stad zullen vol worden met jongens en meisjes die spelen op haar pleinen. Zo zegt de HEERE van de legermachten: Al zou het in die dagen wonderlijk zijn in de ogen van het overblijfsel van dit volk, zou het ook in Mijn ogen wonderlijk zijn? spreekt de HEERE van de legermachten. Zo zegt de HEERE van de legermachten: Zie, Ik ga Mijn volk verlossen uit het land waar de zon opkomt en uit het land waar de zon ondergaat. Ik zal hen hierheen brengen, zij zullen midden in Jeruzalem wonen. Zij zullen Mij tot een volk zijn, en Ík zal hun tot een God zijn, in waarheid en in gerechtigheid.”

Satan gebonden

Vrede in Israël, vrede onder alle volken, dat heeft Johannes ook al gezien. Dat staat in Openbaring 20:1-4:

Vs 1-4 “En ik zag een engel neerdalen uit de hemel met de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn hand. En hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en bond hem voor duizend jaar, en wierp hem in de afgrond, en sloot hem daarin op en verzegelde die boven hem, opdat hij de volken niet meer zou misleiden, totdat de duizend jaar tot een einde gekomen zouden zijn. En daarna moet hij een korte tijd worden losgelaten. En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven. En ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, en die het beest en zijn beeld niet hadden aanbeden, en die het merkteken niet ontvangen hadden op hun voorhoofd en op hun hand. En zij leefden en gingen als koningen regeren met Christus, duizend jaar lang.”

Hem werd heerschappij gegeven

Ja, de hemelvaart verkondigt deze glorierijke terugkomst van de Heere Jezus. Daniël heeft in de nachtvisioenen al gezien hoe uitgebreid dat koningschap van de Heere Jezus zal zijn. Dat lezen we in Daniel 7:13,14 en 27:

Vs 13 “Ik keek toe in de nachtvisioenen, en zie, er kwam met de wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon. Hij kwam tot de Oude van dagen en men deed Hem voor Zijn aangezicht naderbij komen. Hem werd gegeven heerschappij, eer en koningschap, en alle volken, natiën en talen moesten Hem vereren. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die Hem niet ontnomen zal worden, en Zijn koningschap zal niet te gronde gaan.”

Vs 27 “Maar het koningschap en de heerschappij en de grootheid van de koninkrijken onder heel de hemel zullen gegeven worden aan het volk van de heiligen van de Allerhoogste. Zijn koninkrijk zal een eeuwig koninkrijk zijn, en alles wat heerschappij heeft, zal Hem eren en gehoorzamen.”

De hemelvaart verkondigt de terugkomst van de Heer.
Maranatha Heere Jezus, kom spoedig.

  •  
  •  
  •  
  •